Synoniemen: Beveiligingsklasse, Isolatieklasse
**Klasse I:** Apparaten in deze klasse hebben een basisisolatie en een extra veiligheidsmaatregel: aarding. De metalen behuizing is via een geel-groene aarddraad in het snoer en de stekker verbonden met de beschermende aarde van de elektrische installatie. Als door een isolatiedefect een stroomvoerende draad de behuizing raakt, ontstaat een lekstroom naar de aarde. Deze lekstroom wordt gedetecteerd door de aardlekschakelaar, die de stroomkring direct onderbreekt. Deze apparaten herkent u aan de stekker met randaarde.
**Klasse II:** Deze apparaten zijn dubbel geïsoleerd. Ze hebben niet alleen een basisisolatie, maar ook een tweede, versterkte isolatielaag. Hierdoor is het risico dat de behuizing onder spanning komt te staan, verwaarloosbaar klein. Een verbinding met aarde is niet nodig en ontbreekt dan ook. Klasse II-apparatuur is te herkennen aan het symbool van een vierkant in een ander vierkant en heeft vaak een platte stekker (eurostekker).
**Klasse III:** Apparatuur van klasse III werkt op een Zeer Lage Veiligheidsspanning (ZLVS), doorgaans lager dan 50 volt wisselspanning (AC) of 120 volt gelijkspanning (DC). De stroom wordt geleverd door een speciale veiligheidstransformator die de netspanning omzet naar een veilige, lage spanning, of door een batterij of accu. Omdat de spanning zo laag is, kan deze geen gevaarlijke elektrische schok veroorzaken. Een aardaansluiting is niet van toepassing.
* Het aanleggen of controleren van de aarding in uw woning, wat fundamenteel is voor de werking van Klasse I-apparaten. * De installatie van geaarde wandcontactdozen. * Het testen van de aardlekschakelaar in de meterkast om zeker te weten dat deze correct functioneert. * Het installeren van veiligheidstransformatoren voor Klasse III-systemen, zoals in de badkamer of tuin. * Het opsporen van een storing als een apparaat herhaaldelijk de aardlekschakelaar activeert. Dit kan duiden op een defect in het apparaat of een probleem in de installatie.
* **Klasse I-apparaat op ongeaard stopcontact:** Een apparaat met randaardestekker aansluiten op een ongeaarde wandcontactdoos of verlengsnoer. De beveiliging via aarding werkt dan niet, waardoor de behuizing bij een defect onder spanning kan komen te staan. * **Aardpen van stekker verwijderen:** De aardpen van een stekker afknippen of ombuigen om deze in een ongeaard stopcontact te laten passen. Hiermee wordt de ingebouwde veiligheidsfunctie volledig tenietgedaan. * **Beschadiging negeren:** Een Klasse II-apparaat met een gebarsten behuizing of beschadigd snoer blijven gebruiken. De dubbele isolatie is dan niet meer gegarandeerd. * **Verkeerde transformator gebruiken:** Een willekeurige transformator gebruiken voor Klasse III-toepassingen in plaats van een gecertificeerde veiligheidstransformator. Dit kan een gevaarlijke spanning op het laagspanningscircuit zetten. * **Zelf aanpassingen doen:** Zonder kennis van zaken elektrische apparatuur openen of aanpassen, waardoor de interne isolatie en verbindingen kunnen worden aangetast.